Zij Kon Het Lonken Niet Laten

Wim Sonneveld

  • A
  • D
  • E
  • Em
  • G
Tom:
[Intro chords last line chorus] Em A D E|---------|---------|---------|---------|---------| B|---------|---------|-------0-|---------|---------| G|---------|-0---1---|-2---2---|-2-0-----|---------| D|-2---4---|---------|---------|-----2---|-0-------| A|---------|---------|---------|---------|---------| E|---------|---------|---------|---------|---------|
N.C. Nikkelen Nelis is een straatzanger, hoor! [Verse 1]
D G D A - Kom luister naar 't lied - dat ik voor U ga zingen.
G A D 't Is een tragisch lied over losbandigheid.
D A 't Gaat over een da-me uit de hoogste kringen
G A D De neiging tot het kwaad, die kon zij niet bedwingen
A E D A Zo raakte zij haar eer en reputatie kwijt. [Chorus]
D Zij kon het lonken niet laten
A Zij lonkte naar iedere man.
G D Dat liep veels te veel in de gaten
Em A D En oh oh oh oh oh... daar kwam narigheid van. [Verse 2]
D G D A - Haar man had eerst geen aan-dacht aan haar kwaal geschonken,
G A D Want ach dacht hij, ze heeft een vuiltje in haar oog.
D A Maar toen ze na een tij-dje zo diep was gezonken
G A D Dat zij in de kerk, nog naar de preekstoel zat te lonken
A E D A Toen kwam het ogenblik dat zij de laan uit vloog. [Chorus]
D Zij kon het lonken niet laten
A Zij lonkte naar iedere man.
G D Dat liep veels te veel in de gaten
Em A D En oh oh oh oh oh... daar kwam narigheid van. [Verse 3]
D G D A - Zij werd een danseres - in één der minste kroegen
G A D Drie veren droeg zij slechts en soms geeneens geen drie.
D A Soms droeg zij slechts één veer - en als de klanten 't vroegen
G A D Dan viel de laatste veer, tot algemeen genoegen
A E D A En bloot lonkte ze door met dubb'le energie. [Chorus]
D Zij kon het lonken niet laten
A Zij lonkte naar iedere man.
G D Dat liep veels te veel in de gaten
Em A D En oh oh oh oh oh... daar kwam narigheid van. N.C. Het moraal [Verse 4]
D G D A - Maar ach ze werd te oud - ze kon geen vent meer strikken
G A D En zij werd werkster in het oude mannenhuis.
D A En onder het dweilen door - wierp zij nog wulpse blikken
G A D Zij maakte met haar lonken de oudjes aan het schrikken
A E D A En op een dag zat zij er eentje na door 't huis. N.C. Haar emmetje met schuimend sop zag zij helemaal niet staan. N.C. Ze struikelde en brak haar nek - het was met haar gedaan. [Chorus]
D Zij kon het lonken niet laten
A Zij lonkte naar iedere man.
G D Och, meisjes hou toch in de gaten
Em A D Want ja, daar komt, ja, ja, daar komt narigheid van.
Informações da música

Composição:

Essa informação está errada?

Enviar revisão